Aardappelsoufflé met erwtjes en broccoli

Aardappelsoufflé: een luchtig hoogstandje voor elke (feest)tafel

Kooktips

Een soufflé wordt vaak gezien als een moeilijk gerecht. Een aardappelsoufflé is in de praktijk verrassend toegankelijk. De aardappel vormt namelijk een stevige basis die stabiliteit geeft aan het soufflémengsel. Hierdoor is een aardappelsoufflé minder gevoelig voor inzakken dan varianten op basis van room of kaas. Lees hier hoe je een aardappelsoufflé bereidt en welke veelgemaakte fouten je kunt vermijden.

Waaruit bestaat een aardappelsoufflé?

Een aardappelsoufflé bestaat uit twee elementen:

  1. Een basis: bloemige aardappelen die je verwerkt tot puree, verrijkt met melk, boter, kaas en kruiden.
  2. Opgeklopte eiwitten: deze zorgen voor die typische luchtige structuur.

Een soufflé heeft een natuurlijke romigheid en smaak die je gemakkelijk kunt aanpassen: kruidig, hartig, mild, verfijnd of juist robuust. 

Aardappelen schillen

Hoe maak je aardappelsoufflé? Dit is ons basisrecept

Met de juiste ingrediënten zet je een prachtig gerezen soufflé op tafel. Serveren kan in een souffléschaal of individuele ramekins (kleine potjes van porselein).

Dit heb je nodig voor 4 à 6 personen:

  • 700 g bloemige aardappelen (Bintje, Alegria…)
  • 50 g boter
  • 100 ml warme melk (of room voor een rijkere smaak)
  • 100 g geraspte kaas
  • 4 eieren (eiwit en -dooiers gescheiden)
  • Peper en zout
  • Snufje nootmuskaat
  • Boter en paneermeel voor het invetten van de souffléschaal

1. Kook en pureer de aardappelen

Schil de aardappelen en snijd ze in gelijke stukken zodat ze gelijkmatig garen. Kook ze in licht gezouten water tot ze zacht zijn. Giet af en laat ze kort droogstomen. Pureer de aardappelen vervolgens zo fijn mogelijk. Hoe gladder de puree, hoe eleganter de soufflé.

2. Maak de basis

Meng de warme puree met de boter en melk. Roer tot de boter volledig is opgenomen. Voeg de geraspte kaas, peper, zouten een snuifje nootmuskaat toe. Laat dit mengsel wat afkoelen voor je de eidooiers toevoegt. Wanneer het mengsel lauw is, roer je de eidooiers er één voor één door.

3. Klop de eiwitten stijf

Klop de eiwitten met een snuifje zout tot stevige pieken. De eiwitten mogen glanzen, maar niet droog worden. De lucht in de eiwitten is de motor die de soufflé straks omhoog duwt. Neem dus de tijd voor deze stap.

4. Spatel het opgeklopte eiwit onder de puree

Doe eerst één derde van de opgeklopte eiwitten bij de puree en meng dit voorzichtig om het mengsel lichter te maken. Voeg daarna de rest toe en spatel heel voorzichtig - niet roeren! - tot alles gelijkmatig gemengd is.

5. Bakken

Vet de schaal of ramekins in met boter en bestuif met paneermeel. Dit helpt de soufflé omhoog ‘klimmen’. Schep het mengsel in de schaal of ramekins tot ongeveer drie kwart van de rand.

Bak de aardappelsoufflé in een voorverwarmde oven op 200°C:

  • Grote schaal: 25 à 30 minuten
  • Kleine ramekins: 15 à 20 minuten
Aardappelsoufflé met erwtjes en broccoli

Hoe voorkom je dat een aardappelsoufflé inzakt?

We vermelden hierboven al om bloemige aardappelen te gebruiken. Die lenen zich het best voor een goede, luchtige puree. Ook deze 4 aandachtspunten zijn belangrijk voor een geslaagd resultaat.

1. Werk met warme puree, maar niet té warm

Als de puree te warm is, stollen de eidooiers en zakt de soufflé in. Laat hem dus even afkoelen voor je eidooiers toevoegt.

2. Spatel luchtig en rustig

Te hard mengen = lucht eruit = platte soufflé.

3. Doe de ovendeur niet open tijdens het bakken 

Dit veroorzaakt temperatuurverschillen waardoor de soufflé kan inzakken. De aardappelsoufflé is klaar wanneer hij mooi gerezen is en de bovenkant goudbruin oogt.

4. Serveer meteen

Soufflés zijn op hun mooist zodra ze uit de oven komen. Daarna zakken ze onvermijdelijk een beetje in. Zorg er dus voor dat ook je bijgerechten tegelijkertijd klaar zijn.

Variaties op de klassieke aardappelsoufflé

Met een paar extra ingrediënten kun je een soufflé aanpassen aan het seizoen of je menu.

  • Varieer met kruiden: bijvoorbeeld bieslook, tijm, peterselie, dragon of rozemarijn. Kruiden voeg je toe aan de aardappelpuree voordat de eiwitten erbij gaan.
  • Aardappelsoufflé met kaas: oude geraspte kaas zorgt voor extra hartigheid. Blauwe kaas geeft een sterke, romige diepte. Met geitenkaas maak je de soufflé fris en licht zurig.
  • Aardappelsoufflé met groenten: een uitstekende manier om extra smaak en kleur toe te voegen. Denk aan fijn gesneden gebakken prei of paddenstoelen, erwtjes, geroosterde stukjes paprika, spinazie (goed uitknijpen!)…

Wat kun je bij aardappelsoufflé serveren?

Aardappelsoufflé is ideaal als luxe aardappelgerecht in een feestmenu, maar eigenlijk kun je er op elk moment en bij elk gerecht van genieten.

  • Bij vleesgerechten: het luchtige karakter van de soufflé contrasteert mooi met hartige vleesjus.
  • Bij visgerechten: de aardappelbasis verzacht de zilte smaak van de vis en maakt het geheel elegant.
  • Bij vegetarische gerechten: voor een volledig vegetarische maaltijd kun je denken aan een soufflé, gegrilde seizoensgroenten in combinatie met peulvruchten (linzen, kikkererwten, …) of een ei. Omdat de soufflé rijk en romig is, doet een frisse salade het ook goed.

Voor alle ingrediënten die je nodig hebt voor onze recepten, vind je in de winkel een even lekkere bioversie. Koop jij graag je ingrediënten rechtstreeks bij de boer? Rechtvanbijdeboer.be bundelt alle verkooppunten in Vlaanderen.

Ging je aan de slag met onze tips of recepten? Laat het zeker weten via onze Facebook-pagina of via een foto of video op Instagram en tag ons.

Blijf op de hoogte van alle nieuwtjes en volg ons ook op Pinterest, YouTube of schrijf je in op onze nieuwsbrief.