Kalfsgebraad met aardappelgratin en witloof
Comfortfood op z’n best. Sappig gebraad uit de oven met een romige aardappelgratin waarin gebakken witloof voor extra diepte zorgt. Afgewerkt met Brugge Oud voor een goudbruin korstje krijg je een wintergerecht dat tegelijk klassiek en heerlijk hartverwarmend is.
Bereiding
Verwarm de oven voor op 180 °C.
Verwarm de melk met de room, de geperste knoflook en de tijm.
Halveer het witloof, verwijder de harde kern en snijd in de lengte in repen. Bak de repen kort goudbruin in boter. Kruid met nootmuskaat, peper en zout.
Schil de aardappelen en snijd ze in dunne plakjes. Gebruik hiervoor eventueel een mandoline.
Schep het witloof in een beboterde ovenschaal. Leg er dakpansgewijs de aardappelplakjes op. Giet er het warme melkmengsel over en bestrooi met de kaas. Zet de gratin ongeveer 40 minuten in de oven, tot de aardappelen gaar zijn en de kaas mooi goudbruin is.
Bak ondertussen het kalfsgebraad rondom goudbruin aan in boter. Kruid met peper en zout en plaats het de laatste 30 minuten bij de gratin in de oven.
Haal het kalfsgebraad uit de oven en laat 5 minuten rusten onder aluminiumfolie. Snijd het daarna in plakken en serveer met de witloofgratin. Werk de gratin eventueel af met extra tijm.
Wat vond je van dit recept?
Laat het ons weten door dit recept een rating te geven.