Varkenskotelet
Een varkenskotelet wordt uit het ribstuk gesneden en heeft meestal een bot en een vetrandje. Het vlees van een kotelet is vast en stevig. De sappigste koteletten worden uit het lageribstuk gesneden. Dat bevat weliswaar wat meer vet, maar precies dat vet maakt het iets smaakvoller.
Zie ook op de versnijdingsfiche.
Bewaren
Een kotelet kan je ruim één dag in de koelkast bewaren.
Bereiding
Koteletten worden meestal puur natuur gebraden. Je kan ze echter na het braden ook nog even verder laten sudderen met wat groenten of saus
Het bakken van de perfecte kotelet:
- Dep het vlees droog om een nog mooier korstje te krijgen.
- Doe de boter in de hete pan en wacht tot het schuim is weggetrokken voor je het vlees erin legt. Kruid intussen het vlees met peper, zout en - net als grootmoeder - een vleugje nootmuskaat. Dit ondersteunt de smaak van het varkensvlees.
- Laat het vlees 2 minuten bakken op hoog vuur vooraleer je het omdraait. Alleen zo krijg je een mooi korstje en de lekkere smaak van goed gebakken vlees. Bak ook de andere kant 2 minuten op hoog vuur. Verlaag dan het vuur om rustig verder te garen en het vlees sappig te houden. Vooral filetkoteletten en mignonnettes zijn gevoelig voor uitdroging. Hoe hoger de temperatuur, hoe meer vocht het vlees verliest. Haal het vlees daarom uit de pan net voor het volledig gegaard is. Laat het rozige vlees nog wat verder garen op een warm bord, afgedekt met aluminiumfolie. Zo kan het mooi tot aan het bot doorgaren.
- Met vet dooraderde koteletten uit de lage rib of de spiering kunnen iets harder gebakken worden omdat het vet voor een goede bevochtiging van binnenuit zorgt.
Tip
Een randje vet bevochtigt het varkensvlees tijdens het bakken en vermijdt dat het uitdroogt. Snijd het vetrandje een paar keer in om te vermijden dat de kotelet krom trekt tijdens het bakken.
Resultaat: een mals en sappig stukje vlees met meer smaak. Na het bakken kan het vetrandje weggesneden worden.
Gezondheid
Varkenskoteletten bevatten meer vet dan het haasje of de mignon. Een eenvoudige manier om het vetgehalte te beperken is na bereiding het zichtbare vet wegsnijden of de rest van de maaltijd licht houden.
|
Voedingswaarde per 100 g (1) |
% ADH (2) |
|
|
Energie |
164 kcal |
8,2 % |
|
Eiwitten |
19,5 g |
39 % |
|
Vetten
- verzadigde vetzuren
- mono-onverzadigde vetzuren
- poly-onverzadigde vetzuren |
9,9 g
3,1 g
4,3 g
1,2 g |
14,1 %
15,5 %
19,4 %
5,4 % |
|
Cholesterol |
51 mg |
17 % |
|
Ijzer |
1 mg |
7,1 % |
|
Zink |
1,5 mg |
15 % |
|
Vitamine B1 |
0,72 mg |
65,4 % |
|
Vitamine B2 |
0,18 mg |
12,9 % |
|
Vitamine B3 |
6,9 mg |
43,1 % |
|
Vitamine B6 |
0,34 mg |
24,3 % |
|
Vitamine B12 |
1,1 µg |
44 % |
(1) Belgische Voedingsmiddelentabel - Internubel (geraadpleegd op 4 januari 2012)
(2) % ADH geeft aan in welke mate 100 g vlees bijdraagt tot de aanbevolen dagelijkse hoeveelheid eiwitten)c), vitaminen(a) en mineralen(a) en bijdraagt tot wat je dagelijks mag binnenkrijgen aan energie(b), vetten(b), verzadigde vetzuren(b) , mono- en polyonverzadigde vetzuren(c) en cholesterol(c). De referentiewaarden gelden voor een gemiddelde volwassene en zijn berekend per 2000 kcal.
a) Richtlijn 2008/100/EG van 28 oktober 2008 tot wijziging van de richtlijn 90/496/EEG van de Raad inzake de voedingswaarde-etikettering van levensmiddelen wat betreft de aanbevolen dagelijkse hoeveelheden, de omrekeningsfactoren en definities
b) GDA Guidelines Daily Amount (GDA) of dagelijkse voedingsrichtlijn
c) Hoge Gezondheidsraad. Voedingsaanbevelingen voor België (herziening 2009) - berekend op 2000 kcal; gemiddelde voor volwassen mannen en vrouwen (19-59 jaar)







